Spelregels Beachvolleybal

Een beachvolleybalteam bestaat uit slechts twee personen, waardoor de nadruk meer ligt op de verdediging dan op de aanval. De grootte van het veld (twee speelhelften) is 8 bij 16 m en de nethoogte is hetzelfde als bij het zaalvolleybal. Een wedstrijd bestrijkt twee gewonnen sets tot 21 punten en een eventuele derde set tot 15 punten. Net als bij het zaalvolleybal wordt volgens het Rally Point Systeem* gespeeld. De sets kennen geen maximum, er zal gespeeld moeten worden tot er een verschil van twee punten is. Tijdens een set mogen er twee time outs aangevraagd worden van elk 30 seconden en is er één technical time out bij 21 gespeelde punten (m.u.v. de derde set). In de eerste en tweede set wordt er om de zeven punten van speelhelft gewisseld en in de derde set vindt er bij iedere vijf punten een wisseling van speelhelft plaats. Dit om elk team evenveel voor- en nadeel van zon en wind te laten hebben. De wisseling van speelhelft moet zonder oponthoud worden uitgevoerd. * iedere fout is een punt voor de tegenstander

Toegestaan op het strand, niet bij zaalvolleybal:

1.  Iedere speler mag blokkeren en aanvallen aan het net, er zijn geen vaste speelposities;

2.  De middenlijn mag gepasseerd worden indien de tegenpartij daarbij niet wordt gehinderd;

3.  De zogenaamde holdball waarbij twee spelers aan het net proberen de bal naar elkaars veld te drukken.

Niet toegestaan bij beachvolleybal, wel bij zaalvolleybal:

1. De bal in het veld van de tegenstander spelen via een geplaatste bal met de vingertoppen (pushball);

2. Gedeelte van het setuppen; de bal mag alleen bovenhands over het net worden gespeeld, indien de armen loodrecht op de schouderlijn staan. Dit kan zowel voorwaarts als achterwaarts, mits vanuit een stilstaande positie wordt gespeeld.

3. De bal na een blokactie drie keer spelen; dit mag bij beachvolleybal maar maximaal twee keer, omdat de blokactie al voor één keer telt

4. Het wisselen van spelers. Mocht er zich een ernstige blessure voordoen, waardoor een speler niet verder kan spelen, dan verliest het betreffende team de wedstrijd.

Tactiek: 

Beach volleyballers zijn all-round spelers. Je moet alle aspecten van het beachvolleybal beheersen om een topspeler te kunnen zijn. De enige specialisatie die kan voorkomen, is die van verdediger en blokkeerder, meestal op basis van lengte. Ook is er bij een aantal spelers een voorkeur om aan te vallen op de rechter- of linkerhelft van het veld.
Beachvolleybal is tactisch gezien een ingewikkeld spelletje. Met twee personen moet een veld van 8 bij 8 meter verdedigd worden, wat vraagt om een goed tactisch inzicht en afspraken tussen beide spelers. Zo worden bijvoorbeeld door de blokkeerder tekens gegeven om af te spreken welke positie de verdediger moet innemen in het veld. Ook bij de aanval worden tekens gegeven. De speler die de set-up geeft kan vaak beter zien wat de verdediger van de tegenstander doet dan de aanvaller zelf.

Het veld:

Afmetingen: 8 x 16 meter Belijning: Bij voorkeur minimaal 2,5 cm breed in een opvallende kleur. De hoeken kunnen worden vastgezet met haringen of met kleine sandkits (10 x 10 cm.). In tegenstelling tot het veld in de zaal is er geen drie-meter lijn en geen middenlijn. Netsysteem: Bestaat uit een vaak felgekleurd net en twee palen die ieder vast gezet worden door twee spankoorden. De spankoorden worden in de grond bevestigd met behulp van in het zand geslagen haringen of met zogenaamde sandkits (30 x 30 cm.) die diep worden ingegraven. Veiligheid: Zorg dat de haringen met hun kop minimaal 20 centimeter onder het zand zitten. Let op dat ook de haringen waarmee de belijning is vast gezet ook goed diep zijn ingegraven. Controleer het speelveld en de ruimte er omheen goed op glas en stenen.